begroting 2019

2.8 Algemene dekkingsmiddelen

Ontwikkeling programmasaldo

Toelichting ontwikkeling begrotingssaldo

bedrag x € 1.000

2019

2020

2021

2022

Saldo begroting 2018

-113.572

-113.462

-112.445

-112.393

Septembercirculaire 2017 & BUIG-gelden

1.788

2.053

2.053

2.053

Brede impuls combinatiefuncties

-43

-43

-43

-43

Perspectiefnota

Stelpost areaal / nominaal

-1.271

-1.271

-1.271

-1.271

Sociaal domein

174

174

174

174

Meicirculaire

-2.844

-3.132

-2.814

-2.435

Vervallen Rijksbijdrage kosten projectorg. A9

300

300

Nominaal & areaal & kap.lasten & neutrale verschuivingen (m.n. BBV/kostentoerekening)

-1.548

-1.765

-1.854

-1.766

Saldo begroting 2019

-117.316

-117.446

-115.900

-115.381

Dit programma bevat de structurele algemene inkomsten van de gemeente. Dit gaat in totaal om afgerond € 130 miljoen. De tegenhanger hiervan is de inzet van deze middelen via de programma’s. De algemene inkomsten betreffen met name de algemene uitkering gemeentefonds, de OZB en rentebaten/dividend (treasury). De navolgende grafiek geeft een specificatie.

De getallen in de grafiek sluiten niet exact aan op het taakveldoverzicht. 0.61 OZB Woningen bevat bijvoorbeeld naast de opgelegde OZB aan woningeigenaren een inkomst van € 120.000 invorderingsrente.

0.5. Treasury
De baten bestaan uit een rentevergoeding over een uitstaande lening bij de BNG (€ 0,67 miljoen) en dividenduitkeringen Eneco (€ 1,45 miljoen) en Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) (€ 0,25 miljoen). Hier staat aan de lastenkant € 0,3 miljoen tegenover aan rentelasten over het geïnvesteerd vermogen in aandelen Eneco/BNG.

De dividendramingen Eneco en BNG zijn in lijn met de werkelijk ontvangen winstuitkeringen in de achterliggende jaren.  Op het moment van de opstelling van deze begroting speelt een mogelijke verkoop van de aandelen Eneco. Daardoor is de toekomstige dividendraming onzeker.

De rente-exploitatie bevat een incidenteel rentevoordeel van € 1 miljoen vanwege de vervroegde betaling van de bijdrage A9 (cf. besluitvorming november 2015). Deze bate vervalt vanaf 2021 en dat verklaart de mutatie in de jaarschijf 2021.

0.61/0.62/0.64 Belastingen (OZB Woningen, OZB Niet woningen en Belastingen overig)
De geraamde belastingopbrengsten van € 21,6 miljoen komen voor het overgrote deel (€ 21,2 miljoen) voor rekening van de OZB. De hondenbelasting is goed voor de resterende € 0,2 miljoen. Aan de lastenkant staan de uitvoeringskosten verantwoord. Het College Uitvoeringsprogramma bevat een voorstel tot opheffing van de hondenbelasting ter uitvoering van een door de raad bij de Perspectiefnota 2019 aanvaarde motie met deze strekking.

In de raming 2019 is rekening gehouden met een indexering van de tarieven met 2,00%. De overige mutaties zijn beperkt. De meerjarenraming houdt rekening met een bescheiden areaalontwikkeling.

0.7 Algemene uitkering
De geraamde algemene uitkering in de primitieve begroting is gebaseerd op de actuele stand na uitwerking van de meicirculaire 2018. De uitkomsten van deze circulaire zijn via een aparte notitie samengevat en aan de gemeenteraad toegezonden en meegenomen in de behandeling en besluitvorming aangaande de Perspectiefnota 2019. De uitkomst van de septembercirculaire, na Prinsjesdag, wordt op de gebruikelijke wijze via een aanvullende notitie toegevoegd aan de begrotingsbehandeling.

Per saldo stijgt de algemene uitkering 2019 ten opzichte van 2018 met afgerond € 9 miljoen naar € 104,4 miljoen. Daarachter gaat een groot aantal uiteenlopende mutaties schuil. Enerzijds is sprake ven een nominale en een reële groei door een gunstiger ontwikkeling van de macro economie en de Rijksbegroting en tegelijkertijd aantrekkende loon- en prijsstijgingen. Anderzijds is sprake van specifieke taakgerichte mutaties, met name binnen de uitkeringen sociaal domein. Samengevat gaat het om de volgende ontwikkelingen:

  • een reëel voordeel van € 2 miljoen. Dit voordeel maakt onderdeel uit van de structureel beschikbare begrotingsruimte voor de uitvoering van het nieuwe College Uitvoeringsprogramma.
  • een nominale groei die is ingezet voor loon- en prijsstijgingen (€ 3 miljoen, inclusief sociaal domein), alsmede een areaalgerelateerde groei die is ingezet voor areaalkosten en overige autonome ontwikkelingen (€ 0,8 miljoen).
  • taakgerichte mutaties op de Integratie Uitkeringen Sociaal Domein (Werk, Zorg en Jeugd) tot een bedrag van afgerond € 1,5 miljoen. Dit is een gedeeltelijke compensatie voor (veel) hogere kostenstijgingen in het sociaal domein. De inzet van de compensatie in relatie tot de kostenstijgingen wordt betrokken bij de opstelling van het College Uitvoeringsprogramma.
  • ten slotte is het effect van overige mutaties een toename van € 0,5 miljoen. Belangrijkste posten zijn extra middelen voor armoedebeleid (€ 0,1 miljoen) en een (restant-)reservering voor nadelige effecten van een bovengemiddelde stijging van de WOZ-waarden.

Eén en ander is conform de afzonderlijke rapportages en besluitvorming over de effecten van de gemeentefondscirculaires.

Meerjarig wordt voor de jaren 2020-2022 rekening gehouden met:
# een afgeronde raming van de accressen volgens de meicirculaire 2018
# de zogeheten opschalingskorting (deze loopt structureel nog verder op in 2023-2025)
# een trendmatige ontwikkeling van areaal en uitkeringsbasis
# een trendmatige inflatiecorrectie van 2,5%
# een trendmatige volume index sociaal domein van 2%.

Na de reële plus in 2018/2019 is meerjarig gezien, met wat schommelingen tussen de jaren, sprake van een “reële nullijn”.

0.8 Overige baten en lasten
Onder het onderdeel overige baten en lasten staan stelposten opgenomen voor nog nader te bestemmen middelen en/of nog nader in te vullen taakstellingen. De laatstgenoemde categorie komt in deze begroting niet voor. Hieronder volgt een overzicht van de wel opgenomen stelposten voor nog nader te bestemmen middelen. Aan de hand van dit overzicht worden de afzonderlijke onderdelen toegelicht.

Onderuitputting
Aan de inkomstenkant staat een jaarlijks terugkerende stelpost onderuitputting. Van oudsher betrof dit met name een correctie op geraamde kapitaallasten van investeringen die nog niet daadwerkelijk op de begroting drukken zolang de investeringen nog niet waren gerealiseerd. Door de afnemende omvang van de kapitaallasten is ook deze stelpost in omvang afgenomen tot een relatief gering bedrag. Meer algemeen kan met deze stelpost worden geanticipeerd op het gegeven dat niet alle in de begroting opgenomen structurele budgetten ieder jaar geheel worden gebruikt.

Taakstellingen
Deze begroting bevat geen algemene, nog in te vullen taakstellingen.

Nieuw beleid
Aan dan hand van de notitie met de uitkomsten van de meicirculaire gemeentefonds 2017 is bij de behandeling van de Kadernota 2018 besloten om het structurele voordeel van € 0,6 miljoen euro na verwerking van deze circulaire te reserveren voor de Politieke Agenda na de komende gemeenteraadsverkiezingen. De inzet van deze stelpost maakt onderdeel uit van het College Uitvoeringsprogramma.

Nominaal
De loon- en prijsontwikkeling 2019 is verwerkt in de programmaramingen. Voor 2019 is nog een stelpost van € 0,4 miljoen beschikbaar voor nog te verwachten nominale ontwikkelingen met het oog op onzekerheden rond sociale lasten, nieuw af te sluiten cao en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. Meerjarig is een trendmatige nominale ontwikkeling ingedekt in samenhang met de accressen gemeentefonds. De nu opgenomen stelpost is gebaseerd op een jaarlijkse inflatie van 2,5% en een volume index sociaal domein van 2%.

Areaal
Vanuit areaalgerelateerde mutaties in het gemeentefonds (groei inwoners en woonruimten en daarvan afgeleide maatstaven) zijn extra beschikbaar komende middelen deels gereserveerd op een stelpost om hiermee areaalgerelateerde kostenstijgingen en overige autonome ontwikkelingen op te vangen. Er is niet altijd een directe 1-op-1-relatie in tijd en omvang tussen areaaleffecten, c.q. autonome ontwikkelingen aan de uitgavenkant en aan de inkomstenkant. Deze stelpost biedt de mogelijkheid hier flexibel mee om te gaan, als regel via integrale afweging bij de Perspectiefnota.

Stelpost sociaal domein
De bestaande gedragslijn is, om taakgerichte mutaties in het sociaal domein in eerste instantie te reserveren op een stelpost. De uitgavenramingen zijn gebaseerd op reële grondslagen uitgaande van de uitvoering van het vastgestelde Amstelveense beleid. Deze begroting wordt periodiek herijkt, als regel via het traject Perspectiefnota, gebruik maken van onder meer de meest recente rekeningcijfers. Op dat moment wordt de stelpost sociaal domein betrokken bij de algehele actualisering.

Op dit moment is sprake van kostenstijgingen in het sociaal domein die (ver) uitstijgen boven de omvang van de stelpost. Dit komt doordat het Rijk bepaalde kostenontwikkelingen, zoals autonome groei zorgvraag en prijskaartjes van nieuwe wetgeving, niet of slechts gedeeltelijk compenseert. De inzet van de beschikbare stelpost is verwerkt in het College Uitvoeringsprogramma.

Stelpost BUIG
Amstelveen is een voordeelgemeente op de bijstandsgelden. Via het bestaande objectieve verdeelmodel ontvangt Amstelveen een hoger bedrag dan de werkelijke uitgaven voor bijstandsuitkeringen. Dit correspondeert met het actieve beleid dat Amstelveen voert, hetgeen onder meer blijkt uit een tekort op de re integratiegelden. Een groot deel van het voordeel is de achterliggende jaren ingezet ter dekking van tekorten op Jeugd en re integratie.

Dat laat onverlet, dat er nog volop discussie is over het verdeelmodel en dat het huidige voordeel ook een conjuncturele component bevat. Met het oog hierop is een deel van het voordeel vooralsnog gereserveerd op een stelpost. Op dit manier wordt het bedrag niet structureel ingezet, maar is dit eenmalig beschikbaar. Deze stelpost is bij de Perspectiefnota 2019 aangemerkt als algemeen dekkingsmiddel.

Stelpost IBP (claims Regeerakkoord)
Het Rijk verwacht dat gemeenten vanuit de hogere accressen (groei) van de gemeentefondsuitkering actief bijdraagt aan de aanpak van gemeenschappelijke maatschappelijke opgaven, waaronder duurzaamheid. Ook voor het oplossen van een aantal bestaande knelpunten in de financiële verhouding en het meebetalen aan het dichtdraaien van de gaskraan van de gaskraan verwijst het Rijk naar de accressen. Met het oog op deze te verwachten claims is een deel van de accresgroei vanwege het Regeerakkoord gereserveerd op een stelpost. Dit gaat om een bedrag van € 0,75 miljoen in 2019, oplopend naar € 1,5 miljoen per 2022. Het College Uitvoeringsprogramma bevat een onderbouwd voorstel voor deze inzet van deze stelpost.

Stelpost WOZ
Bij de meicirculaire 2017 is voor 2019 structureel € 1 miljoen gereserveerd om de nadelige herverdeeleffecten op het gemeentefonds op te vangen die worden veroorzaakt door de bovengemiddeld hoge stijging van de woningprijzen, c.q. WOZ-waarden in Amstelveen. Hiervan resteert in dit begrotingsboek nog € 0,4 miljoen. Het raadsvoorstel Tarievennota 2019, dat tegelijk met deze begroting wordt behandeld, bevat een geactualiseerde prognose van de waarde-ontwikkeling, waarna nog € 0,2 miljoen resteert.

Onvoorzien en overig
De begroting bevat een vast bedrag voor onvoorziene uitgaven. Meerjarig loopt dit bedrag op met afgerond € 0,1 miljoen. Daarnaast is met ingang van 2019 een structurele inkomstenstelpost opgenomen van € 0,1 miljoen voor een reeds aangekondigde maar nog niet in het gemeentefonds verwerkte bijdrage voor een taakuitbreiding vaccinatie GGD. Deze inkomst is reeds als stelpost ingeboekt omdat de desbetreffende taak en uitgaven ook al in de GGD-bijdrage 2019 zijn verwerkt.